dinsdag 15 mei 2012

26. Lambaréné 2 – woensdag9 – vrijdag 11 mei

Het Albert Scweizer hospitaal. Saskia en Mischa hebben het druk en zijn pas laat thuis. Saskia heeft natuurlijk nog van alles af te maken voor ze twee weken op vakantie naar Nederland gaat. De tocht die voor donderdag op het programma staat is niet de tocht door het regenwoud die we gedacht hadden, maar een tocht van 80 km rijden naar een RK missiepost en een waterval. We zeggen af. Als iedereen thuis is, eten we een lekker maal met voor wie wil een vis die van de markt gehaald wordt. Donderdag hebben we dus een luie laatste dag. Eerst gaan we naar de vismarkt en zien alles nog eens aan. We zien hoe heel grote vissen in de rivier worden schoongemaakt om daarna gezouten of gerookt te worden. Verder liggen er ook schildpadden, die worden schoon gemaakt en een soort varaan, hagedis Als je dat ziet, denk je dat je geen vis meer gaat eten (wat we ’s avonds in het restaurant natuurlijk toch gewoon doen). We lopen naar het centrum drinken koffie en Geer gaat nog een uurtje Internetten, we lunchen en na de lunch maakt Kees nog een stukje af. Dan maken we een mooie laatste wandeling langs de Ogooué naar het terras van Carpe Diem, waar we lang over het water en naar de vogels kijken. En naar de zandkano’s die over het water aan komen varen. We wandelen terug naar het hotel op de heuvel, weer een mooie wandeling. ’s Avonds eten we in een idyllische gelegen restaurant op vijf minuten lopen van Saskia’s huis, dat ook voor Saskia en de anderen nieuw is. Daar eten we een afscheidsmaal met vis.
De rivier Ogooué waar Lambaréné aan ligt Dan is het voorbij. De vrijdagmorgen pakken we, drinken koffie en wachten op de taxi die ons naar Libreville brengt. Onderweg nog een lekke band de vierde deze vakantie. Zoals gebruikelijk wordt de band geplakt bij de eerst volgende mogelijkheid langs de weg. We zijn op tijd zodat we in Hotel Tropicana nog heerlijk op her terras aan het strand kunnen zitten voordat we naar het vliegveld gaan. ’s Avonds om tien uur vertrekt het vliegtuig naar Frankfurt 5515 km, vliegtijd bijna zeven uur, waar we zaterdag om half zeven aankomen. Saskia vliegt door naar Amsterdam en wij een of twee uur later naar Brussel. Daar komen we om half elf aan en met diverse treinen zijn we om half drie in Beek-Elsloo. En we zijn ook weer blij thuis te komen, met een tuin in de prachtigste kleuren en twee nestkasten waar net vogeltjes in zijn uitgekomen.

zondag 13 mei 2012

25. Yaoundé 4 plus Terugreis naar Lambaréné – zondag 6 tot woensdag 9 mei

We komen zondag tegen de avond in Yaoundé aan en besluiten niet meer naar het ziekenhuis te gaan: weekend en na vijf uur, dan is er niemand meer. Op maandagmorgen gaan we naar het door Hilton aangeraden ziekenhuis “de la Cathédrale”. Het is er schoon en de wond op Kees zijn wang wordt goed schoongemaakt en voor de zekerheid komen er drie hechtingen in. De rest van de dag lopen we wat door de stad, halen geld op, doen e-mails en publiceren de blog-hoofdstukken die we nog op stick hebben staan. En alweer voor de laatste avond in Yaoundé eten we bij Le Biniou.
De stad gezien vanuit de wijk Bastos, waar wij drie van de vier keer gelogeerd hebben.
Het Hilton Hotel in Yaoundé De terugreis naar Gabon. Dinsdagmorgen vroeg naar het busstation. Geen mooie bus zoals we dachten, maar een klein busje waar we nog net voor het vertrekt bij kunnen. Dus lekker vroeg op pad (half zeven), maar wel op de slechtste plaats. We kennen het landschap en kijken er weer met plezier naar. Een 50 km voor de grens ziet een politiepost dat onze visum voor Kameroen 3 dagen verlopen is. Dat hadden we kunnen weten toen we langer dan verwacht in Kameroen vakantie gingen houden. Maar we hadden daar absoluut niet aan gedacht. Met wat vertraging en wat geld voor een zgn. “laissez-passer” die we op papier nooit gekregen hebben, kunnen we door. Gelukkig heeft de grenscontrole het niet door en kunnen we Gabon in. We zijn al rond de middag in Bitam. Als de Haut Commissaire terug is van lunchen krijgen we onze ingangsstempel. En daarna bekijken we Bitam. Met een paar straten heb je het gezien. We zitten lang op terrassen om naar de mensen en alles wat er gebeurt te kijken. We kopen nog mango’s, want die hebben ze in Lambaréné niet meer. Op woensdag rijden we in weer een klein busje, maar met een betere plaats naar Bifoun, waar de afslag is naar Lambaréné. Het busje gaat door naar Libreville. We lunchen met de meegebrachte boterhammen bij een van de vele grapefruit stalletjes op door een 84-jarige verkoopster aangedragen stoelen. We kopen een grote tas met grapefruits bij haar en zoeken dan een “klando”, dat is een niet-officiële taxi. De eerste is heel slecht en bij het wegrijden stappen we op initiatief van Kees weer uit. De taxi die we dan krijgen is veel beter. Om een uur of drie hebben we de 71 km naar Lambaréné afgelegd. De chauffeur nodigt ons uit om zijn vrouw te ontmoeten en zijn huis te bekijken. Hij had het goed voor elkaar en woonde direct tegenover de ingang naar het vliegveld. Hij kwam zoals veel werkende mensen in Gabon uit Benin evenals zijn vrouw. Dat is leuk, mevrouw heeft een winkeltje met allerlei en het huis is van binnen prima, dat zie je er van buiten niet aan af. Met een cadeautje als aandenken brengt de chauffeur ons naar het hotel vlakbij Saskia’s huis.

donderdag 10 mei 2012

24. Mbouroukou – vrijdagmiddag 4 tot zondagmorgen 6 mei.

In “ 21. Tussenbericht, een tegenvaller” van zondag 6 mei staat al dat Villa Luciole een mooi oord is. De man van het Franse echtpaar dat verantwoordelijk is voor de villa en alles wat erbij hoort, is één van de 8 mensen (4 Kameroenees en 4 Frans) die een stichting hebben opgericht om via enkele oorden als deze villa Kameroenese mensen aan werk te helpen en zo armoede te bestrijden. Ze hebben geld in de stichting gestoken. En ons Franse echtpaar is de verantwoordelijke – niet de eigenaar – van Villa Luciole. De man heeft diverse keren voor Péchiney in Kameroen gewerkt en mevrouw heeft dezelfde jaren les gegeven op de expat school aldaar. Ze hebben ruim 12 jaar in Kameroen gewoond. Vanaf 2003 zijn ze met Villa Luciole begonnen: de villa gerenoveerd, boukareau’s (= hutjes) laten bouwen, een team van 15 mensen opgebouwd, etc. Vanaf 2008 zijn ze gepensioneerd en nu komen ze ongeveer eenmaal per jaar een week of drie en meneer nog wat vaker voor de financiën etc. Het geheel wordt door Yves – een prima self-made toeristenmanager geleid. Het is een heel mooi terrein, aan de voet van de berg Manengouba. De boukareau’s zijn geheel in traditionele stijl gebouwd, dak en muren van bananen- en palmboom afkomstig, een goed toiletgedeelte erin met o.a. een prachtig gegutste houten wasbak.
Vrijdagmiddag doen we de was en maken een wandelingetje langs het riviertje met bamboebruggetjes en we komen uit in de grote eigen tuin die gedeeltelijk in gebruik is voor groenten, gedeeltelijk braak ligt. Zaterdag maken we een wandeling 600 m. een berg op (campement is op 1200 m). Het is bewolkt weer, de uitzichten over de heuvels en bergen zijn beperkt. Later trekt de mist/bewolking wat op. Nadat we het dorp uit zijn gaat het over een nauw pad door het bos met uitzicht op de omliggende bergen. Mooi.
In de verte horen we meisjes die op het land aan het werk zijn zingen. We horen ook veel vogels. Maar hoeveel moeite we ook doen, we zien ze niet.
We komen bij een Peul-dorp boven op de berg: hutjes in het grasland en ook akkerbouwgebied. Er zijn ook veel paarden. In tegenstelling tot wat we in het Verre Noorden zagen, zijn het hier de Peul/Fulani die de bergen zijn ingegaan, terwijl de andere etnische groepen beneden de akkerbouw bedrijven. Zo komt er geen ruzie. In het Verre Noorden waren het juist de Kiri die de bergen zijn ingevlucht om niet door de oprukkende Fulani bekeerd te worden tot de Islam. We lopen door het dorp rond, kunnen binnenin de huizen kijken en fotograferen. O.a. een dame met een prachtige uitstalkast vol met emaille pannen. We bezoeken de oudste man van het dorp; hij zou 106 of 110 jaar oud zijn. We beloven voor hem zeep en suiker aan de gids Alain te geven. Kees speelt met de kinderen, die vooral weg zijn van zijn horloge met timer. We laten nog een 600 meter van de wandeling omhoog naar de twee meren voor wat die is en gaan terug.
De berg Mengoubou, die we vanuit onze wandeling zien liggen. In het dorp drinken we een drankje en we bezoeken nog een zeer primitief koffie-sorteer-fabriekje in Melong. De rest van de middag en avond verpozen we bij onze boukareau en in de villa voor het diner. De nacht met de overval is al beschreven. Zondagmorgen verlaten we Mbourouka na de politieverhoren na de lunch in een taxi naar Yaoundé.

23. Yaoundé 3 plus reis naar Nkongsamba woensdag 2 - vrijdag 4 mei.

We komen om een uur of twee in Yaoundé aan. Op de hotelkamer lunchen we met thee en meegebrachte boterhammen. Dan gaan we proberen de donderdag te regelen. We willen een dagtocht naar het regenwoud, 40 km ten NW van Yaoundé maken. Niemand behalve het boekje weet ervan, er is geen toeristenbureau. We gaan het in een duur hotel vlakbij het onze proberen. Daar vinden we Marie Rose, een kamermeisje, dat zegt uit die regio te komen. Zij wil ons wel gidsen. Het lijkt ons goed geregeld en vrolijk gaan we op een terrasje zitten en bij een Chinees heerlijk eten. De volgende morgen blijkt het toch tegen te vallen. Het is een truc om veel geld te verdienen of een misverstand. In ieder geval ruiken we onraad als Marie Rose, die onaangekondigd ook haar baby heeft meegenomen, ons bij de dierentuin wil afzetten. Na wat geharrewar en een vriendin minder laten we genoeg geld voor de taxirit achter en lopen we van de buitenwijk naar de stad in de nog wat motterende regen. En we lezen een SMS van Saskia over de geplande twee dagen regenwoud en Pygmeëndorp in Lambaréné volgende week. Dat kan maar beperkt doorgaan, omdat de boot kapot is. We moeten even schakelen: dan kunnen we beter een paar dagen in Kameroen blijven, in het gebied vlak onder waar we net vandaan komen. Dat staat nog op ons wensen lijstje: mooie bergwandelingen en mogelijk ook een vogelreservaat. We kiezen voor dat plan en dan drie dagen later terug gaan naar Gabon. Het betekent weliswaar voor het grootste deel de al eerder gemaakte busroute van Yaoundé naar het Noordwesten en terug, twee keer een uur of vijf. Dat vinden we geen punt, het is een prachtige route. De rest van de donderdag veroorloven we ons het business center van het Hilton-hotel om lekker snel foto’s te laden. Ons 3e bezoek aan Yaoundé sluiten we af met een lekker maal in Le Biniou, met het bespreken van een goede taxi voor de volgende morgen vroeg naar het busstation en met het inpakken. Vrijdagmorgen vroeg vertrekken we in een heel wat minder luxueuze bus dan de eerste keer richting Nkongsamba. We zitten als haringen in een ton (vijf op en rij in een mini-busje). Maar nog ruimer dan de rij voor ons waar een wel heel dike mevrouw zit. In Melong – een 30 km voor Nkongsamba – stappen we uit en kiezen voor een dure taxi inplaats van twee goedkope motertaxifietsen naar Villa Luciole, net buiten het dorp Mbouroukou.

22. Van Belo naar Yaounde, dinsdag 1 en woensdag 2 mei

Aan het eind van de dinsdagmorgen komen we in Belo – een betrekkelijk klein dorp - aan, na een prachtige wandeling over de weg met uitzicht op de mooie heuvels en bergen. Net als we de bebouwde kom binnekomen, barst er een regenbui los. Toevallig net bij een café. Met andere voorbijgangers verzamelen we ons daar op het terras en bijna direct daarna in het café zelf: een tafel met stoelen en banken eromheen vult de hele ruimte. We drinken een limonade en na een twintig minuten kunnen we weer verder. Even zoeken en Kees heeft de plaats gevonden waar de busjes naar Bamenda zouden moeten komen. Er zijn alleen auto’s de kant van Bamenda op. Na even wachten tot die vol zit, vertrekken we. Het wordt een spannende rit. Er zitten 4 mensen achterin en 4 mensen voorin, op de stoel van de bestuurder zit ook een passagier, wat betekent dat er niet veel ruimte om te sturen is. De chauffeur rijdt keihard de bergen af, levensgevaarlijk. Er is nog onenigheid bij een politiepost die flink wat tijd kost. Zitten we te vol? Zijn de papieren niet in orde? We zijn blij als we in de loop van de middag in Bamenda aankomen. Onderweg zagen we het al: het is overal feest. Ieder restaurant of café is versierd en aan lange tafels zitten mensen in mooie kleren te eten en te drinken. Het is 1 mei, dag van de arbeid en dat wordt in Kameroen – later horen we van Saskia ook in Gabon – uitgebreid gevierd. Men heeft speciaal voor die dag gemaakte jurken en overhemden, ieder bedrijf heeft zijn eigen bedrukte stof. Het feest van 1 mei betekent ook dat alle winkels dicht zijn en we geen eten kunnen inslaan voor de bustocht van de volgende dag naar Yaoundé, geen geld kunnen wisselen en ook niet even naar het internetcafé kunnen. Blijft over biertjes drinken, waar we geen bezwaar tegen hebben. Woensdagmorgen zorgen we dat we om zes uur bij het busstation zijn. We hebben een redelijke plaats in een wat minder mooie bus dan heen. De tocht verloopt prima, we kijken weer uitvoerig naar buiten.

maandag 7 mei 2012

21. Een tussenbericht, een tegenvaller zondag 6 mei.

Voor diegenen die onze blog volgen met ons is alles oke. We zijn vrijdag van Yaoundé naar Melong vertrokken en hebben geboekt bij Villa-Luciole in een prachtig dal naast een vulkaan met twee krater meren. De Villa heeft een oude koloniale woning en zeven mooie boekara’s, ronde hutten met rieten dak op een betonnen plaat. Het meest idylische oord waar we in deze vakantie zijn geweest, het wordt gerund door een Frans echtpaar. Naast het Franse echtpaar is er nog een Kameroens koppel dus total zijn we met drie koppels daar en staf. In de nacht van zaterdag op zondag rond 4 uur maken we een overval op ons kamp mee. Drie gewapende mannen overval eerst de nacht wacht en gaan vervolgens van hut naar hut incl. het huis van het Franse koppel. Zij nemen het geld, en alles wat electronic is mee. De rugzak wordt leeg geschud. We raken geld kwijt, maar ook de labtop en het fototoestel, enz. Jammer want we gebruikten de labtop als back-up voor de foto’s, dus nu hebben we alleen nog de foto’s die we op deze blog hebben gebruikt. Ook houden we - mn Kees - er nog een wond op de wang aan over. De politie wordt gebeld, alles wordt opgenomen alle zes plus mensen van de staf moeten zich op het bureau melden. Een heel theater naar ons gevoel wordt er opgevoerd. We besluiten direct na de verhoren naar Yaoundé te gaan met een taxi om maandag morgenvroeg de wond nog even te laten bekijken. Dat is gelukt, de wond ziet er prima uit en Kees voelt er heel weinig van. We vervolgen onze reis zoals gepland. MAAR HELAAS : DE REST VAN DE BLOG ZONDER ONZE EIGEN FOTO’S. HIER EN DAAR KOPIEREN WE EEN FOTO VAN EEN WEBSITE AF.

20. Belo’s Trackers Camp – zondag 29 april – dinsdag 1 mei.

Na al het trekken een paar dagen in de natuur zijn en wandelen. Van Karin en Mark hadden we begrepen dat het Zwinkels trackers Camp hier heel geschikt voor is. Het kamp ligt in dorpje Aboh, dichtbij Belo op 1550 meter hoogte. Een van de mogelijkheden is naar het Olu kratermeer te lopen en dat te bekijken, evenals het bos om het meer heen. De plaatselijke bevolking noemt het het meer van de voorouders:, er vinden allerlei rituelen plaats niet; alleen vanuit Belo maar ook vanuit de andere omringende dorpen. We hebben afgesproken om gelijk de eerste dag naar boven te lopen. 900 meter stijgen en dat gaat heel goed. De route is niet moeilijk. David is onze gids. In het begin lopen we nog tussen de huizen en hutjes en groentenvelden , daarna zijn er geen huizen meer maar nog steeds volop groentevelden, en daarna zien we de onbewerkte velden, bossen waar wel volop hout uit wordt gehaald. David zegt dat alleen dode bomen verder mogen worden gekapt.
Het uitzicht op de berg waar we half omheen lopen is fantastisch.
Na drie uur en kwartier zijn we boven en zien het meer voor het eerst voor ons liggen.
We rusten even en lopen verder: eerst over de kraterrim, daarna slaan we af en lopen door een heel gevarieerd bos naar een plek waar we een heel mooi uitzicht over het meer hebben. Wolken komen over de kraterrim drijven en lossen dan geleidelijk weer op. Ook het uitzicht naar Mount Olu is mooi die stijgt met zijn ruim 3000 meter mooi boven het meer uit.
Kees kijkt over het meer uit. We lunchen op deze plek en gaan weer langzaam terug. David vertelt nog enkele verhalen over de voorouders die langs de oever van het meer hebben geleefd. Altijd tussen 12 en 04 was het licht in hun huizen zichtbaar, maar helaas is het water in het meer gestegen waardoor die huizen waarschijnlijk onder zijn gelopen. Het is een mooie tocht, om half zeven vertrokken en terug om kwart voor vier, ruim negen uur waarvan we er ruim zeven en een half hebben gelopen.
Schoenen uit na de wandeling. Het biertje smaakte voorteffelijk en Esther heeft om zeven uur een lekker spangetti bolognese klaar.
De kok Esther; in dit hutje wordt in het zeizoen voor meer dan 20 mensen gekookt.
De nog op de Ring Road gekochte mango’s worden consumptie-gereed gemaakt.
De tweede dag gaan we het camp uit en slaan rechts af. We lopen via allerlei kleine paadjes een hele cirkel en komen uiteindelijk weer op de weg van gisteren uit. Inclusief het bezoek aan de begrafenis ( zie hieronder) zijn we vier uur onderweg. Leuk om allerlei huizen te zien hoe de akkers worden bewerkt etc. Ook komen we iemand tegen die zegt dat er een begrafenis is beneden en hij vraag ons mee.
We komen bij een aantal erven waar de “oude vrouw” , de moeder, eergisteren is gestorven. Zij ligt begraven bij het huis van haar zoon. Dat is gisteren gebeurd en we zien de vers omgewoelde grond met eenkrans er op. We gaan van hut naar hut en condoleren, de vrouwen en de mannen zijn gescheiden. De mannen drinken flink hebben we het idee.
Modern bier in een ouderwetse hoorn geschonken. Zo krijgen we veel huizen van binnen te zien en mogen volop foto’s maken. Vooral Geer moet er niet aan denken dat je moeder zo vlakbij je begraven ligt dat je er iedere dag mee wordt geconfronteerd.
‘s Middags lekker lui een siësta, en verder lezen en blog maken op het terras van de eetzaal met prachtig uitzicht over de vallei. We hadden hier ook de vorige avonden al volop van genoten. We besluiten om morgen niet de motor naar Belo te nemen maar de zeven km gewoon te lopen. Dat wordt onze start van 1 mei, een wederom mooie wandeling van ruim een uur met bepakking.